De onderzoeken waren gericht op de volgende vier risicothema’s;
- Asbestverwijdering;
- Bodemverontreiniging;
- Kwaliteit en veiligheid bouwen;
- Bestemmingsplannen, specifiek handhaving.
Het hoofddoel van het complete onderzoek is om de uitvoering van de genoemde risicothema’s te verbeteren en na te leven.
De gemeente Ouderkerk komt gunstig uit het onderzoek, mede ook omdat Ouderkerk een aantal taakvelden heeft ondergebracht in de gemeenschappelijke regelingen ISMH en TBK.
De conclusie van het rapport luidt in hoofdlijnen:
De gemeente Ouderkerk wordt gekenmerkt door kleinschaligheid en overzichtelijkheid. Dat heeft voordelen, zowel voor burgers als voor de uitvoering van de gemeentelijke taken. De lijnen zijn kort, het bestuur en de ambtenaren zijn makkelijk aanspreekbaar (zowel voor burgers, als onderling). De zaken die op het gemeentelijke grondgebied gebeuren zijn snel zichtbaar en bekend.
Een nadeel van de kleine organisatie is bijvoorbeeld dat de uitvoering van taken sterk persoonsgebonden is. Tijdelijke afwezigheid van medewerkers door ziekte of verlof betekent soms dat taken niet of nauwelijks kunnen worden opgepakt. Het takenpakket van de medewerkers is breed en generalistisch, dat mogelijk ten koste kan gaan van de diepgang en de actualiteit van de kennis op specifieke onderwerpen.
De kracht van de gemeente Ouderkerk is dat zij haar kwetsbaarheid onderkent en door middel van een gemeenschappelijke regeling de uitvoering van milieutaken heeft ondergebracht bij het Intergemeentelijk samenwerkingsverband Midden Holland (ISMH).
Daarnaast heeft de gemeente Ouderkerk taken op het gebied van bouw- en woningtoezicht en openbare werken ondergebracht bij het Technisch Bureau in de Krimpenerwaard (TBK). Dit is ook een gemeenschappelijke regeling.
Taken op het gebied van brandveiligheid zijn ondergebracht bij de Veiligheidsregio Hollands Midden. Bovendien heeft de gemeente Ouderkerk de afgelopen jaren profijt gehad van de samenwerking in K5-verband. Op VROM-gebied is er bijvoorbeeld samengewerkt bij de actualisering van bestemmingsplannen (uniformering) en de implementatie van de WABO.

